
In de serie #Uitgesproken spreekt iedere maand iemand uit het openbaar bestuur zich uit over een onderwerp dat aandacht verdient. Deze keer is dat Hatte van der Woude, directeur van de Wethoudersvereniging. Zij maakt zich zorgen over het beeld dat ontstaat van het wethouderschap. "Bedreiging en intimidatie zijn onacceptabel, daar moeten we alles aan doen. Maar we moeten oppassen dat we het wethouderschap niet somberder maken dan het is."
Sinds januari staat Hatte van der Woude aan het roer van de Wethoudersvereniging. Daarvoor werkte ze onder meer als senior beleidsadviseur in het beroepsonderwijs en was ze van 2018 tot 2021 wethouder en locoburgemeester van Delft. Dat was de eerste keer dat politiek haar fulltime beroep werd; daarvoor was het vooral een passie naast haar werk. Als wethouder ontdekte ze hoe bijzonder het is om een stad mee te besturen. De verantwoordelijkheid, het directe contact met inwoners en de impact van de beslissingen maakten het werk volgens haar uniek. "Ik heb het ontzettend naar mijn zin gehad als wethouder", blikt ze terug. "Je helpt je stad besturen en beslissingen liggen echt op jouw schouders. En ja: dan krijg je soms ook stevige kritiek." Ze herinnert zich nog goed hoe ze zelf als kersverse wethouder ooit in een zaaltje vol boze mensen stond. "Dat doet iets met je. En tegelijkertijd hoort dat er ook bij. Je moet niet van suiker zijn."
Een eerlijk beeld
Volgens Van der Woude gaat het in de media vaak over de schaduwkant van het wethouderschap, zoals bedreiging en intimidatie. Veel minder vaak hoort ze waarom mensen het werk juist zo graag doen. Dat betekent niet dat ze de problemen bagatelliseert. "Integendeel. Ik vind het verschrikkelijk als wethouders worden bedreigd of geïntimideerd. Dat is volstrekt onacceptabel. Ik heb verhalen gehoord waarvan ik me goed kan voorstellen hoe ingrijpend die zijn." Daarom is Hatte ook blij met initiatieven als Veilig Vergaderen, het programma Weerbaar Bestuur en het ondersteuningsteam Weerbaar Bestuur. "Het is goed dat die ondersteuning er is. Als ik zelf bedreigd zou worden, zou ik ook meteen aan de bel trekken."
Tegelijkertijd ziet ze ook een risico. "Soms ben ik bang dat we doorschieten in de aandacht voor intimidatie, bedreigingen, normering, et cetera. En zodra er iets met een wethouder gebeurt, duiken alle media er bovenop. Daardoor kan het beeld ontstaan dat iedere wethouder voortdurend wordt bedreigd. En dát herken ik niet." Volgens Van der Woude is het daarnaast belangrijk om onderscheid te blijven maken tussen boosheid en echte bedreiging of intimidatie. "Een zaal met boze inwoners is iets anders dan een bedreiging. Mensen kunnen boos of wanhopig zijn. Ze hebben maar één gemeente. Als je ontevreden bent over je bakker, ga je naar een andere. Maar van je gemeente heb je er maar één."
#Laten we ook het positieve verhaal vertellen
Naast de aandacht voor veiligheid wil Hatte ook het positieve verhaal over het wethouderschap blijven vertellen. "Zeg nu op een verjaardag maar eens dat je overweegt wethouder te worden. Dan hoor je waarschijnlijk iets als: 'Wethouder? Maar dat is een hondenbaan. Dan word je alleen maar bedreigd.'" Dat beeld doet volgens haar geen recht aan de werkelijkheid. "Er zijn heel veel wethouders die nooit met bedreiging of intimidatie te maken krijgen. Sterker nog: ik spreek wethouders die intens verdrietig zijn als ze niet worden herbenoemd, omdat ze graag nog een periode waren doorgegaan. Als het écht zo'n verschrikkelijk vak was, zouden ze toch vooral opgelucht zijn?"
Daarom pleit ze voor meer balans in het verhaal over het wethouderschap. "Blijf investeren in veiligheid. Zorg dat de ondersteuning er is voor wie die nodig heeft. Maar laten we óók blijven vertellen waarom het wethouderschap zo'n bijzonder vak is. Anders maken we het ambt somberder dan het in werkelijkheid is."